Winterslaapplaats voor amfibieŽn

Als overwinteringplaats verkiezen padden en salamanders meestal een donkere, droge, beschutte plaats. Onder het afdak van rode pannen is een kuil gegraven van 1 m3 . Deze is gevuld met keien, takken en bladafval. Zonder de rust van deze beesten te verstoren, hebben we vastgesteld dat er van de geboden schuilgelegenheid driftig gebruik is gemaakt.

  

Een slimme plaats om het snoeihout in te stoppen De zwaardere stammen en takken liggen onderop. Hierop kunnen zich korstmossen, wammen, en algen ontwikkelen. Het is een uitstekende overwinteringplaats voor de gewone pad, de bruine kikker en andere amfibieŽn.

Vele vogels, kleine zoogdieren en insecten gebruiken deze takkenril als voedsel-, broed- en nestelplaats. Ook bieden zij een goede beschutting in geval van gevaar. Planten en paddenstoelen kunnen ontkiemen en groeien in de beschutting. Op het complex vindt u meer dan vierhonderd meter (!) takkenril.